Een wandelvakantie in een lentesfeer, dat was lang geleden. Dus vlogen we voor 11 dagen naar La Palma, het veelgeroemde wandeleiland van de Canarische Eilanden.
Vrijdag 17 januari
De Schipholtaxi was voor half vier ’s nachts besteld, maar kwam niet opdagen. Een klein half uur en twee telefoontjes later kwam hij alsnog voorrijden. Gelukkig is het erg rustig op de weg rond dat tijdstip, dus we waren nog ruim op tijd om in te checken. Goed, je moet er wel heel vroeg voor uit je bed, maar het voordeel is dat je dan ook al erg vroeg op je vakantiebestemming aankomt. Nog voor het middaguur waren we met onze huurauto bij ons vakantiehuisje Casa Eva in Los Quemados in het Zuid-Westen van het eiland.
Na de eerste boodschappen te hebben gedaan bij supermercado Betty (dat verzin je niet) in Los Canarios gingen we meteen op pad. Naar de vulkaan San Antonio die een grote uitbraak kende in 1677. Nu kun je naar de krater wandelen en erin kijken, maar echt spectaculair was het niet. Vervolgens namen we het laatste stukje van de GR 131 die helemaal van noord naar zuid over het eiland loopt totaan de vuurtoren van Fuencaliente. Langs de vulkaan Teneguía, die we nu onwetend rechts lieten liggen, daalden we af. Bij de vuurtoren keerden we weer om en met een boog liepen we tussen de – nu nog kale – wijnranken door terug naar de auto.
De eerste maaltijd op het eiland nuttigden we in restaurant La Era in Los Canarios. Niet persé een aanrader. En daarna vroeg naar bed, want het was een lange dag geworden.
Zaterdag 18 januari
Vandaag wilden we de Caldera de Taburiente gaan bekijken, de enorme krater met een diameter van 9 kilometer met rotswanden die tot ruim 2000 meter de hoogte in reiken. Hiervoor reden we eerst vanaf Los Llanos de Aridane naar de parkeerplaats in de Barranco de Las Angustias (op 240 meter hoogte). Daarvandaan
kun je je met een pendelbusje naar een hoger gelegen uitzichtspunt laten brengen en daarvandaan de wandeling starten. Maar dat was onze eer toch te na. Dus gingen we wandelend naar die mirador de Los Brecitos (op 1130 meter hoogte). Bijna 900 meter stijgen in ruim twee uur, tussen de manshoge cactussen en de naaldbomen door. Vanaf Los Brecitos ging het pad omlaag, de diepte van de Caldera in. Langs de mirador del Lomo de Tagasaste liepen we naar de Playa de Taburiente, een picknick- en kampeerplaats middenin de krater.
Na een korte lunchstop vervolgden we onze tocht. Zoekend naar het juiste pad daalden we verder af in de Kloof der Angsten. Dan weer langs de flanken van de bergwanden over supersteile paden en dan weer door de lege rivierbedding, soms van rots naar rots het water kruisend om droge voeten te houden.
’s Avonds aten we bij La Pergola op het Plaza de España in Los Llanos de Aridane. Onder twee enorme bomen speelden kinderen en zaten gezinnen wat te praten. Wat het meest de aandacht trok waren een paar kinderen op driewielsteps. Het zag er wat wiebelig uit, maar ze waren er ontzettend handig in.
Zondag 19 januari
De hardloopspullen waren natuurlijk mee en de zondagochtend is traditiegetrouw trainingstijd. Dus liepen we langs de flanken van de San Antonio een heen en weertje. Na de lunch en douche reden we met de auto naar het noorden van het eiland voor een wandeling bij Las Tricias. Het weggetje naar Las Tricias loopt door amandelbomen in bloei. Lichtroze wolken langs de weg en in het veld. Wandelend langs de GR 130 zagen we de bijzondere drakenbloedbomen. Eigenlijk geen bomen, maar grote struiken tot wel 10 meter hoog. De wandeling kwam uit bij de Cueva de Baracas waar rotstekeningen te vinden zijn: vooral spiraalvormige inkervingen in de rotsen.
In de avond aten we een rijkgevulde, maar wel wat zoute, paella in La Taberna del Puerto in Puerto de Tazacorte.
Maandag 20 januari
Vandaag zou een lange dag worden. We rijden met de auto naar de refugio El Pilar. Middenin het bos laten we de auto achter op een parkeerplaats en beginnen aan de lange wandeling naar ons huisje. Bij de refugio El
Pilar pikken we de GR 131 op naar het zuiden, wat betekent dat we over de kam van het eiland wandelen. Langs oude vulkanen, indrukwekkende kraters, gestolde lavastromen de diepte in en met soms stormachtige wind op de kam lopen we over een pad van zwart lavazand. In de verte zien we Tenerife liggen met een nog besneeuwde Teide en heel vaag zien we even later ook La Gomera. Boven de wolken hebben we prachtige uitzichten op de omgeving. De afdaling gaat door een bos met naaldbomen, soms behoorlijk steil naar beneden. En zo komen we aan in Los Canarios, waar we snel nog wat boodschappen doen voordat we naar ons huisje lopen.
’s Avonds kozen we voor het dichtstbijzijnde restaurant, op zo’n 100 meter van ons huisje. Het restaurant was ons afgeraden door de beheerder van het park. Het zou niet zo goed zijn. Nou, niets was minder waar. In Puesta de Sol hebben we voortreffelijk gegeten met uitzicht op zee en El Hierro.
Dinsdag 21 januari
De auto staat nog bij de refugio El Pilar, midden op het eiland, dus dat betekent dat we die vandaag gaan ophalen. Na het ontbijt vertrekken we vanaf ons Casa Eva in Los Quemados via de vulkaan San Antonio naar Los Canarios. Daar pikken we de GR 131 weer op, maar vandaag in noordelijke richting. Nadat we de GR 130, die het hele eiland rondloopt, hebben gekruist, nemen we een alternatief pad dat aan de oostelijke kant van het eiland langs loopt. Het pad is gemakkelijk, een breed onverhard zandpad dat geleidelijjk aan klimt naar zo’n 1300 meter. We lopen regelmatig in een mistige wolk en zien dan niet veel van de omgeving. Maar als het even opklaart zien we weer de gestolde lavastromen en stukken bos die in voorgaande jaren door een bosbrand zijn verwoest, maar nu weer beginnen op te leven. Bij de PR LP 16 aangekomen slaan we linksaf, op weg naar de refugio El Pilar. Daar vinden we de auto terug. Misschien ook wel een beetje door het briefje dat we achter de voorruit hadden gelegd met de boodschap dat we een wandeling van twee dagen maakten en mensen zich dus niet ongerust hoefden te maken over die auto die daar zo achter bleef.
Vroeg in de avond bezochten we de hoofdstad van La Palma, Santa Cruz de la Palma. Een aantal mooie gebouwen en pleintjes, maar niets is ouder dan 1493 toen de Spanjaarden het eiland veroverden. Alles daarvoor wordt nu aangeduid als prehistorisch. Mensen leefden ook nog in grotten toen. We eten in een restaurant dat bekend zou staan om zijn Cubaanse sfeer, maar daar merken we totaal niets van. La Bodeguita del Medio is niet echt een aanrader.
Woensdag 22 januari
’s Avonds trainen is wat lastig in het donker, aangezien we steeds pas laat terug zijn in het huisje en zo rond 19 uur de zon onder gaat. Dus is de training verzet naar de woensdagochtend. We doen weer een heen en
weertje onderlangs de vulkaan San Antonio. En na nog wat gegeten te hebben rijden we richting de parkeerplaats Cumbrecita bij El Paso. Daar is niet veel ruimte voor auto’s, dus hebben ze dat gereguleerd. Bij het bezoekerscentrum in El Paso kun je een gratis toegangsbewijs voor de weg krijgen, waarna je te horen krijgt hoe laat je precies daarheen kunt vertrekken. Later blijkt dat je na 17 uur gewoon zonder bewijs erheen kunt. Maar we hebben de wachttijd nuttig besteed door de tentoonstelling in het bezoekerscentrum te bezichtigen. Veel informatie over het eiland, het ontstaan, de flora en fauna, de bewoners en gebruiken.
Tijdens de wandeling vanaf Cumbrecita lopen we langs de Mirador de Los Roques en de Lomo de las Chozas. De hele krater is gevuld met wolken, waardoor het zicht beperkt is. Maar als je maar lang genoeg wacht zie je af en toe een wolk oplossen en heb je ineens zicht op de kraterrand of de bodem van de krater.
Terug in El Paso, waar niet echt veel te beleven valt, doen we wat boodschappen en rijden we door naar Puerto Naos aan de westkust. Daar eten we heerlijke vis in restaurant Playa Chica, met uitzicht op zee.
Donderdag 23 januari
Vandaag rijden we eerst naar de andere kant van het eiland, de noord-oost hoek. Het is daar nat en groen, wat vast geen toeval is. Vanaf het Centro de Visitantes bij Los Tiles willen we een wandeling maken door verschillende tunnels. Maar het tussendoorsteekje dat we op basis van de kaart hadden willen nemen blijkt niet te bestaan. En in tegenovergestelde richting de tunnels bereiken zou te lang duren. Dus lopen we een gedeelte van de route, met slechts een paar hele korte tunnels. Overigens was het nog flink zoeken voor we het begin van de route hadden gevonden. En dat terwijl we om ons heen regelmatig een hoop geruis en gedonder hoorden van vallende stenen en bomen, zo leek het. Door de nattigheid en de flinke wind die er stond komt blijkbaar nog weleens iets naar beneden. Zo bleek later ook toen we weer terug liepen naar de auto en er een enorme kei op het wegdek lag.
De route kwam langs de Mirador Espigón Atravesado. Een uitzichtspunt op een uiterst smalle rotspunt middenin een kloof, met een enorme diepte onder je. Doodeng. Vervolgens liepen we nog een stuk verder door de Barranco del Agua langs de PR LP 6 totaan de Mirador Espejas. Daar keerden we na een korte lunchstop weer om.
Op de terugweg naar het huisje stopten we in San Andres, een mooi plaatsje aan de oostkust, met een prachtig aangelegde boulevard. De harde wind zorgde voor hoge golven, die met harde doffe knallen op de rotskust eindigden.
We aten in restaurant San Andres een prima Spaanse maaltijd: groentesoep (met aardappelen), tortilla (met aardappelen) en vis (met aardappelen).
Vrijdag 24 januari
In de ochtend reizen we weer af naar het noorden van het eiland, dit keer het noord-westen. We komen langs een duizelingwekkend diepe kloof, de Barranco de Garome.
In het Parque Cultural de La Zarza y La Zarcita, waar een kleine wandeling is uitgezet, zien we weer verschillende rotsinkervingen. Daarna maken we een wandeling naar het plaatsje Roque del Faro. Het regent af en toe een beetje, maar door de harde wind waaien de wolken steeds snel over. Bij Roque del Faro volgen we een stukje het pad naar de Roque de Los Muchachos. We kunnen de blinkende observatoria al zien liggen. Maar wij buigen weer af naar het westen, waar de auto staat.
Na de wandeling besluiten we het hele eiland maar rond te rijden. Dus via Barlovento komen we weer langs San Andres en doen we Santa Cruz de la Palma nog een keer aan om daar te ten. Dit keer strijken we neer in restaurant La Placeta. Vanaf 20 uur gaat het restaurant op de eerste verdieping open. Als één van de eersten gingen we naar binnen, waardoor we een mooi tafeltje aan het balkon hadden met uitzicht op het pleintje.
Zaterdag 25 januari
Vandaag de koninginnetocht. Via de oostkant nemen we de LP 4 richting het hoogste punt van het eiland: De Roque de Los Muchachos. Hoe hoger we komen, hoe kouder het wordt. We komen in de wolken te zitten en zien de temperatuur teruglopen naar 1 graad boven het vriespunt. Aan de struiken en rotsen hangen ijspegels. Vlak bij de Mirador de Los Andenes parkeren we de auto en beginnen aan een wandeling langs de GR 131 naar de Roque de Los Muchachos. Aanvankelijk lopen we nog in de wolken en de mist, dus zien we ook niet hoe diep het is. Want we lopen hier over de kraterrand met links van ons de diepte van de krater. Naarmate we vorderen beginnen de wolken op te lossen en zien we steeds meer blauwe lucht en de bergen om ons heen. Het uitzicht is adembenemend. We kijken totaan Los Llanos de Aridane, ver weg in de diepte. En achter ons zien we de wolken over de kraterrand stromen en vervolgens oplossen. Wat een schouwspel! Na een goed uur komen we bij de eerste observatoria en naderen we de Roque de Los Muchachos, het hoogste punt van La Palma op 2426 meter. Daar is het ineens weer druk met mensen, omdat er een parkeerplaats naast ligt. Maar er is toch niets mooiers dan zo’n punt wandelend te bereiken. Op het uitzichtspunt zitten we lekker ons brood te eten als er ineens een raaf voor ons landt. Die had blijkbaar ook wel trek, want hij probeerde op slinkse wijze aan onze boterham te komen door achter ons te gaan zitten en de boel in de gaten te houden. Op een gegeven moment ging hij zelfs op de rug van Harm zitten. Tot hij merkte dat hij niets van ons kreeg en het zat werd en dus maar weer weg vloog.
De terugwandeling naar de auto verliep ook voorspoedig en we hadden nu voortdurend zicht op de wolkenstromen over de kraterrand. Daar kun je geen genoeg van krijgen.
Via El Time reden we terug. Daar dronken we wat en aten een taartje, met prachtig uitzicht op Los Llanos de Aridane en zo’n beetje de hele westkust van La Palma. Los Quemados konden we net niet zien liggen.
’s Avonds gingen we terug naar het restaurant van vorige week: La Pergola. En weer was het bijzonder levendig op het plein.
Zondag 26 januari
Deze laatste dag besluiten we om een beetje in de buurt van ons huisje te blijven. Eerst daalden we af naar Las Indias om daar te gaan hardlopen tussen de bananenplantages door. Soms leken we in een windtunnel te
zitten, dan weer hadden we flinke wind mee en dan behoorlijk tegen. Maar met een graadje of 22 en volop zon is dat niet onoverkomelijk.
Op de terugweg naar het huisje stoppen we bij de vuurtoren op de zuidpunt en bekijken we de zoutpannen. Hoewel er in de winter geen zout wordt gewonnen, staat er wel water in de zoutpannen en geven de informatiepanelen wel duidelijk aan hoe het hele proces in zijn werk gaat.
Na de douche en wat eten wandelen we naar de vulkaan La Teneguía, want die hadden we gemist tijdens de wandeling op onze eerste dag. Nu klimmen we naar de kraterrand en Harm zelfs nog iets hoger. Op de terugweg wandelen we weer door de wijnvelden terug naar de San Antonio.
’s Avonds eten we uitstekend in het restaurant aan de voet van de San Antonio: La Casa del Volcán.
Maandag 27 januari
Het zit er weer op. Na 10 dagen mooie wandelingen te hebben gemaakt en La Palma van zuid naar noord en van west naar oost te hebben verkend, nemen we afscheid van Casa Eva en Los Quemados, rijden we weer terug naar het vliegveld, leveren de auto in en stappen we in het vliegtuig richting Schiphol. Als het aan ons ligt was dit zeker niet het laatste bezoek aan La Palma.