Haarlem en Dordt verbonden

Op ons verlanglijstje stond - overigens nog niet eens zo lang - het fietsend verbinden van onze twee thuishavens Haarlem en Dordrecht en kun je dat dan niet het beste doen op een dag als vandaag? Check [hier de beelden](http://www.harmenbetty.nl/fotoboek/index.html?openfolder=Reizen%20binnen%20Europa/Limburg-Ardennen%2012-2010).

Woensdag - Onwennig nog fietsten we richting het station in Dordrecht. Het was koud en de wegen waren besneeuwd. We hadden ons voorgenomen de trein van negen uur te nemen, maar door de winterse omstandigheden reden de treinen al bijna een week met vertraging. Op het perron stonden niet bijzonder veel mensen, laat staan personen die er uitzien alsof ze een fietsreis gaan maken. De borden spraken over vertragingen van zo’n 20 minuten. Desondanks kwam onze trein op tijd, waarmee onze reis aanving richting Eindhoven en vervolgens Weert. In die plaats zijn we uitgestapt en voor het stationsgebouw stonden we enigszins verloren om ons heen te kijken op zoek naar een aangrijpingspunt voor onze route, knooppunt 79. Deze vonden we na wat rondtoeren langs de besneeuwde wegen en fietspaden. Vol goede moed volgden we de geplande route: knooppunten 26, 25, 21, …., 25... Hè, nee, hè! We hebben een rondje gefietst, zeg maar door de sneeuw geploeterd van 25 km en zijn we weer bijna terug in Weert! Blijken er twee knooppuntennetwerken aan elkaar te grenzen met nagenoeg identieke nummering. Zo’n slecht begin kunnen we niet gebruiken onder deze omstandigheden en met een afstand van 80 kilometer voor de boeg. Balend rijden we terug ditmaal de bewegwijzering volgend. Al vrij snel kwamen we langs de Maas te fietsen en reden België in. We volgden fietspaden langs de oever van de rivier door een prachtig wit winterlandschap. De snelheid kwam niet vaak boven de 15 kilometer per uur; de temperatuur niet boven het vriespunt. Verkleumd zetten we onze fietsen neer bij een geopend café, alwaar we ons opwarmden met thee en soep. De tocht volgde de Maas verder zuidwaarts; eerst aan de Belgische zijde en later hopten we naar de Nederlandse zijde. De kwaliteit van de wegen en paden wisselde sterk; soms gestrooid, veelal alleen geschoven, maar meestal ploegden we zelf onze weg door de hopen sneeuw. We reden door Born, richting Sittard en Geleen. In de schemer vervolgden we onze weg via Beek naar Valkenburg. Om kwart voor zeven kwamen we aan in Schin op Geul bij het hotel Kadampa. ‘s Avonds vergeefs in het dorpje, lopend door de verlaten straten, gezocht naar een restaurant. Gelukkig brengt de bus je in enkele minuten naar het in deze witte periode sfeerrijke Valkenburg. Lekker eten? Geen probleem.

Donderdag - Het sneeuwen heeft aangehouden de afgelopen nacht en de medewerkers zijn druk bezig de toegang tot het hotel sneeuwvrij te maken. Wij zitten aan het ontbijt en we zien buiten hoe een eekhoorn in de besneeuwde bomen van tak naar tak springt. Het is een eenvoudig, maar erg net hotel en we laten ons het ontbijt prima smaken. Hier serveren ze alleen verantwoorde, biologische producten,veelal vanuit de streek. Na het ontbijt vertrekken we voor onze eerste winterwandeling. De ligging van het hotel is ideaal; wandelingen lopen langs de voordeur. We wandelen via het stationnetje van Schin op Geul naar Walem. Daar slaan we een pad in en ploegen ons een weg door de sneeuw op weg naar ’De Kluis’, een kerkje midden in het bos. Vervolgens afdalen naar het kasteel Schaloen bij Oud-Valkenburg. Dit kasteel levert altijd mooie foto’s op, maar zo in de winter helemaal. We steken de rijksweg over om het prachtige Gerendal te betreden. Het dal ligt er stil en verlaten bij. Eerst wandelen we langs de noordhelling met zicht op het open landschap. Dan dalen we af naar wat de verharde weg zou moeten zijn, die we een tijdje zuidwaarts volgen. Vervolgens beklimmen en volgen we de zuidhelling door het bos. Met een ruime bocht keren we terug naar Schin op Geul. Toen we in een eetcafé genoten van een stevige lunch, zagen we dat het weer begonnen was met sneeuwen, veel sneeuwen. ‘s Avonds bracht de trein ons weer in Valkenburg, waar de straten inmiddels nauwelijks begaanbaar waren en de wind koud door de straten blies. We baanden ons een weg naar het centrum en troffen daar het gezellige stadsrestaurant. Een restaurant met een huiskamerinterieur en dito sfeer.

Vrijdag - Vandaag staat een wandeling naar Maastricht op het programma. Het sneeuwen is sinds gisteren niet gestopt en de vlokken komen nog steeds uit de hemel. Voor het hotel wandelen we direct linksaf richting Oud-Valkenburg. Een man maakt ons erop attent dat het voetpad langs de Geul onbegaanbaar is geworden door een omgevallen boom en raadt ons aan bovenlangs door het bos te lopen. We gehoorzamen. Wandelen met een stevige pas erin is er niet bij; het pak sneeuw is zeker 30 tot 40 cm, hetgeen betekent dat de voeten hoog opgetild moeten worden. Via de kasteeltuinen bereiken we Valkenburg. De route Maastricht-Valkenburg hadden we al eens met een beschrijving gelopen, maar nu deden we het op de gok in omgekeerde richting. Eerst op zoek naar de weg langs de Leeuw-brouwerijen. Dan langs de bosrand en vervolgens door het bos richting Berg en Terblijt. Sneeuwschuivers reden af en aan. Bovengekomen op het plateau bij Terblijt konden wij een pad ontwaren alleen door de toppen van paaltjes die net boven de sneeuw uitkwamen en die de aangrenzende landerijen omzoomden. Op goed geluk ‘zwommen’ we door de witte zee, waarbij we meermalen tot onze middel verdwenen in het zachte water. De oversteek mat enkele honderden meters, maar vergde bijna een half uur. Het bleef sneeuwen. Langs de mergelgrotten gelopen, bereikten we de stadsgrens van Maastricht. Hier troffen we een vrij verlaten straatbeeld met geparkeerde auto’s onder sneeuwheuvels en niet te belopen trottoirs. Over de weg koersten we aan op het centrum; we zouden ’s avonds de trein terugnemen naar Schin op Geul, maar we wilden eerst nog sfeerproeven en kerstshoppen in Maastricht. Het shoppen leverde een paar skihandschoenen voor Harm op voor het vervolg van de reis en de sfeer bestond uit erwtensoep eten aan het Vrijthof. Aansluitend in het donker een stadswandeling gemaakt langs de sfeervol verlichte straten met oude en middeleeuwse panden. Het was sprookjesachtig mooi. Weer bij het Vrijthof aangekomen, klonken de grote klokken van de Sint Servaes, de oproep voor de Nachtmis op Kerstavond. Na een maal te hebben genuttigd, vertrokken we met de trein richting Schin.

Zaterdag - De eekhoorn is vandaag ook weer actief. Hij springt van een boom met volle dennetakken naar een kaal exemplaar. Al snel komt hij tot de conclusie dat die het niet helemaal is en springt weer snel terug. Zijn we gisteren tamelijk doelloos naar het westen gewandeld om in Maastricht aan te komen, vandaag willen we dit herhalen maar dan in oostelijke richting met eindbestemming Heerlen of Kerkrade. De route voert ons door Ransdaal en Klimmen. We volgen voornamelijk weggetjes waar de sneeuw is afgeschoven, soms afgewisseld door een met tientallen centimeters sneeuw bedekt wandelpad. Vlak voor Voerendaal kruisen we de A79, hetgeen ons het gevoel geeft dat we de goede richting op lopen, maar na een kilometer zien we dezelfde snelweg alweer onder ons door lopen; het lot heeft het zo bepaald. We wandelen door een uitgestrekte sneeuwwoestijn; links en rechts zien we witte vlaktes die alleen door windvlagen zijn getekend. Na het gehuchtje Ubachsberg wagen we maar weer eens een gokje. We zien vaag een wandelpad naar links afbuigen. “Alleen het begin is even lastig”, volgens Harm. Het werd bijna een kilometer waden door een meter en meer sneeuwdek. We kwamen uiteindelijk uit bij het Medisch Centrum Parkstad, waar Harm voor de gein opperde om daar te gaan lunchen. Hadden we het maar gedaan, want op eerste kerstdag blijken alle lunchgelegenheden tot aan het NS-station gesloten te zijn. Het werd dan maar een kop thee met een broodje bij de kiosk. Het kerstmaal nuttigden we bij de Griek in Valkenburg.

Zondag - In alle vroegte zijn we opgestaan en we stapten dan ook een lege ontbijtzaal in. De afgelopen nacht had het gelukkig slechts lichtjes gesneeuwd. Vandaag staat de tocht naar Cherain in de Ardennen op het programma. Door de winterse omstandigheden hebben we de aanvankelijke toeristische route verruild voor een tocht die naar verwachting meer begaanbare wegen volgt en die tevens plaatsen met treinstations aandoet. Een fietstocht van meer dan 100km is al een uitdaging op een zomerse dag, laat staan onder deze omstandigheden. ’s Morgens vroeg op een tweede kerstdag is het erg rustig op de weg. We fietsen over de grote weg naar Valkenburg en treffen daar een aanwijzing naar Sibbe. Niet echt een kleine weg, maar hij is voldoende schoon om de lange klim naar het plaatsje te ondernemen. Na Sibbe richting Margraten over een mooie witte vlakte met naast de weg muren van sneeuw van een meter hoog. De wegen zijn alleen geschoven, wat voldoende is om te fietsen en wat het tot een wintertocht maakt. Na Margraten en Sint Geertruid dalen we af naar Visé (of zoals we nu leerden Wezet in het Nederlands). Op de snelweg A2 kon dan met meer dan 100 km per uur worden gereden, op de weg die er parallel aan liep fietsten we door de sneeuw. Op een zomerse dag is dit een grauw, betonnerig dal, maar nu in het wit gestoken ligt de route naar Luik er als een plaatje bij. Na Luik kiezen we ervoor de N30 te nemen, een weg die een strakke lijn volgt naar het zuiden. Het blijkt een golvende weg te zijn met continu klimmen en dalen. Meerdere mensen gebaren hun bewondering voor het reizen per fiets in de winter, maar ook moet iemand in een auto met het wijzen naar zijn voorhoofd duidelijk maken dat wij blijkbaar niet verstandig bezig zijn. Onbegrijpelijke reactie; "hebben wij u onrecht aangedaan?", "mogen wij onze eigen keuzes maken?". Zo'n iemand zal nooit kunnen begrijpen wat het echte fietsreisgevoel is. Na 70 km te hebben gefietst kwamen we aan in Aywaille, een plaats met een station en gelegen aan de rivier L'Amblève. Het is wel genoeg voor vandaag en na het op temperatuur komen door het drinken van een kop hete thee en het nuttigen van een broodje Merques met Andalousesaus gingen we op zoek naar het station. Het hoogteverschil tussen het perron en de rails was zo beperkt dat je zo het spoor kon oplopen. Het station was verlaten en in de nabijheid was een drietal aangeschotenen luidruchtig aan het sneeuwravotten. De trein kwam na een half uurtje. Met veel moeite moesten we met de fietsen het hoogteverschil overbruggen, maar gelukkig werden we geholpen door de conducteur. Ondanks deze service bleek betalen niet nodig te zijn. In het donker stapten we uit in Gouvy, waarna een spannend ritje volgde naar het hotel in Cherain. De weg was goed begaanbaar, maar de automobilisten hadden merkbaar moeite ons te ontwaren in het donker.

Maandag - Het hotel is gehuisvestigd in een voormalige school, een groot en stevig geconstrueerd oud gebouw. Door het hele pand zijn schoolspullen speels neergezet en opgehangen, waardoor het de sfeer uitademt van het vroegere naar schoolgaan. De ruime ontbijtzaal bevindt zich in het voormalige klaslokaal met een forse open haard, die 's morgens al vroeg in vuur en vlam is gezet. Het is gemoedelijk en gezellig in het hotel. Vandaag ondernemen we een wandeling in de directe omgeving van Cherain. Hoewel de afstand slechts 14 kilometer bedroeg, bleek het de meest zware van de vakantie te zijn. Er lag daar al vanaf oktober sneeuw en de afwisseling van sneeuwen en vriezen had het dikke sneeuwpak omgevormd tot een soort Frou-Frou-wafel. De ene stap voelde vertrouwd aan, maar op onvoorspelbare momenten zakte je met de andere tien centimeter dieper door een brekende ijslaag. Dit en het telkens glooiende terrein afgewisseld met het af en toe ploegen door een meter wit poeder, maakte het tot een afmattende bezigheid. Uit het ontbreken van sporen konden we de conclusie trekken dat we de enigen waren die in die dagen deze tocht hadden gelopen. Geen mens tegen gekomen. Bij terugkomst in het hotel deden we ons tegoed aan ons noodrantsoen: instant noedelsoep met cashewnoten.

Dinsdag - Hoeveel eieren hebben we eigenlijk inmiddels genuttigd tijdens zo'n vakantie. Aangespoord door de mededeling op de radio dat we voedsel verstandig moeten kopen, koken en bewaren, werken we iedere ochtend weer het geserveerde ei naar binnen. Vandaag stappen we op de fiets en rijden naar het op 10 kilometer gelegen Houffalize, een iets groter plaatsje. Hier maken we eerst een rondwandeling. Het gaat een stuk gemakkelijker dan de dag ervoor, want hier is minder sneeuw gevallen en de plaats kent meer toeristen, waardoor de paden meer zijn aangestampt. In twee en een half uur zijn we weer terug in het dorpje en kunnen we een restaurant opzoeken om de nodige verse groente naar binnen te krijgen, want de afgelopen dagen moesten we de vitamientjes ontberen. We aten een verrukkelijke forel op Ardennerwijze bereid met een saus van champignonnen en spek. Voor dat het donker wordt arriveren we weer in het hotel in Cherain.

Woensdag - De fietstocht ditmaal blijkt iets langer dan verwacht. We rijden naar de plaats Vielsalm, waarbij we het programma van de vorige dag herhalen. Eerst ontdekken of er een rondwandeling is te maken, uiteraard blijkt dit zo te zijn en na de wandeling een goed maal in een restaurant. Op de terugtocht moeten de fietslampjes al worden aangezet.

Donderdag - De temperatuur is flink gestegen en is boven het vriespunt aangekomen. Vandaag staat de fietstocht richting huis op het programma, waarbij we fietsend Luik willen bereiken en daarna vervolgen per trein. De dooi en het strooien heeft in België geleid tot schone wegen. De banden dus maar weer stevig opgepompt, want we hebben een redelijke afstand af te leggen. We rijden zo strak mogelijk naar de N30. Deze weg loopt langs een rechte lijn noord-zuid, eerst door het Bois de Ronce. Nauwelijks merkbaar fietsen we omhoog naar de Baraque Fraiture. De weg kent weinig verkeer maar op de Baraque aangekomen, wemelt het er van mensen en geparkeerde auto's, het merendeel Nederlandse. Het blijkt de top van een glooiiende heuvel te zijn, waar een skipiste is aangelegd, die druk wordt bezocht. Na de top komen we in een lange, lichte afdaling terecht die zo'n 20 kilometer aanhoudt. We dalen eerst af naar Manhay, verlaten hier de N30 om vervolgens de N806 te nemen, een weg die slingerend de rivier de Aisne volgt en afdaalt naar Bomal. Bomal ligt aan de rivier de Ourthe, die we kruisen, waarna een klim volgt naar Tohogne. We volgen de Ourthe naar het noorden en komen door de plaatsen Hamoir en Comblain-au-Pont, waar we ervaren hoe het ook al weer was in een café voordat het rookverbod werd ingesteld. Continu de rivier volgend kwamen we om drie uur aan in Luik. Hier zochten we het station Guillemins op, een prachtig bouwwerk ontworpen door architect Santiago Calatrava. De trein bracht ons via Maastricht terug in Dordt.

Naar de foto's...