In een groen, groen, groen ...

Weer een dag of drie verder en inmiddels enkele etappes in Vietnam achter de rug zijn we nu in Yen Chau aanbeland.

Volgens de Lonely Planet zou dit het fruitparadijs van Vietnam moeten zijn, maar dat hebben we nog niet zo gemerkt. Wel hebben we net weer mandarijnen kunnen kopen. Want misschien lijkt het wel alsof we alleen noodlesoep eten (en voor de helft is dat ook gewoon waar, mits het ons lukt om dat duidelijk te maken), maar we komen ook wel aan onze portie groente en fruit hoor. Ik denk dat we dagelijks toch wel een kilo bananen en een kilo mandarijnen/sinaasappels wegwerken. En over gevarieerd eten gesproken: wat dacht je van een warm stokbroodje met Nutella? De verkoper vroeg uit gewoonte of we er ook sla, tomaat en ui op wilden. Hij had zelf meteen zijn vergissing in de gaten en kroop bijna onder tafel van schaamte.

Maar Vietnam dus. Al meteen over de grens merkten we de verschillen met Laos. Andere huizen, andere begroeiing en andere mensen. Dat je hier zulke groene rijstvelden ziet en in Laos niet, heeft te maken met het feit dat ze in Laos genoegen nemen met 1 oogst per jaar. In Vietnam doen ze er 2 en in het zuiden zelfs 3. Je ziet hier dan ook veel mensen op het land aan het werk. In Laos hebben ze het een bepaalde tijd van het jaar druk, tijdens de oogst, en de rest van het jaar zijn het meer jagers/verzamelaars. Regelmatig zagen we daar mannen met geweren en kapmessen over de weg lopen. Maar ook kleine hummels van een jaar of 7 met een groot kapmes over de schouder was geen uitzondering. Dat leren ze al vroeg.

Hier in Vietnam lijken de mensen aan de ene kant wat meer op zichzelf. De huizen staan in de dorpen vaak ook wat verder van elkaar. Aan de andere kant zijn ze veel toegankelijker. Vooral ook de volwassenen roepen hier gedag en zwaaien naar ons, terwijl dat in Laos vooral de kinderen waren. Daar was het in een dorp vaak een gezigzag tussen de kippen met kuikens, de varkens met biggen, de honden en katten en de koeien door, terwijl de kinderen ons al van verre zagen aankomen,
begonnen te roepen en te zwaaien en zich in een rijtje langs de weg opstelden om te high-fiven. Altijd succes.

De dorpen in Vietnam lijken vaak wat meer ontwikkeld, ook al zie je hier ook wel nederzettingachtige dorpen. Maar hoe schamel de hut ook, overal staat wel een schotel op het dak of voor de deur. Want er moet toch tv gekeken worden. Althans, die staat aan. Met het geluid knoerthard. En iedereen heeft een mobiel. En een scooter. Ook de mensen in die armoedige dorpen. Maar wat is vooruitgang? En wat is beschaving? Ik weet het niet, maar het is wel fantastisch om dit van zo dichtbij te mogen aanschouwen.

Harm vinden ze hier in Vietnam wel reusachtig hoor. Letterlijk. Toen we in Dien Bien Phu op een bazar-achtig festijn rondwandelden wilden meerdere mensen met hem op de foto. En ook als hij op de fiets iemand inhaalt reageren ze soms verrast.

Tot Son La, de plaats waar we gisteren aankwamen, was het nog verrassend rustig op de weg. Maar sinds vandaag was het aanzienlijk drukker. Veel vrachtwagens, bussen, auto's en brommers. En allemaal moeten ze toeteren, de 1 nog harder dan de ander. Gek word je er soms van. En dat zal nog wel erger worden de komende dagen als we richting Hanoi fietsen. Dan horen jullie weer van ons.